
liefde bloeit,
waar leven snoeit,
de mooist rozen uit de struik
wonden likken,
waar doornen prikken,
wast de tijd er ze weer uit
ik kan nog slechts fragmenten tellen,
waar heden verleden voorbij wil snellen,
met elke zucht ik meer vergeet,
van flarden en scheuren die ik nog weet
Tussen poppen en pannen,
Papa’s kommeren en kwalen,
Kietelbuien, bedverhalen.
Tussen kots en valse haren
Waar schoenen strikken,
problemen waren
Tussen niet weten, wat wel wist
Doorheen de woede en gemis
Zonder afscheid, geen gedag
Voor de dood die ik niet zag
Doorheen jaren, is gesleten
Geur en stem al reeds vergeten
Sloot mijn ogen, en vergat
De kleur die papa’s ogen had
Geen opmerkingen:
Een reactie posten